Pagina 40 van: Aannemer 6 – 2022

2826-01 ‘Het realiseren van metselwerkconstructies’ bevat
de volgende criteria ten aanzien van de verschillende kli-
maatomstandigheden waaronder metselwerk gerealiseerd
zou moeten worden:
‘Het voorkomen van regenwater op het (verse) metselwerk
komt de kwaliteit van het metselwerk alsook het aange-
brachte isolatiemateriaal ten goede. Het metselwerk dient
onder beschermende maatregelen te worden uitgevoerd,
bijvoorbeeld onder een (regen/zomer)kap. De kans op witte
uitslag, een verminderde isolatiewaarde van het isolatie-
materiaal en overtollig (overbodig) bouwvocht in de spouw
worden hiermee beperkt.
Regen:
Het jonge metselwerk dient minimaal voor de duur van car-
bonatie te worden beschermd tegen regenval om uitslag te
voorkomen. Vermeden moet worden dat regenwater vanaf
het dak of de vloervelden in de spouw terechtkomt. Ook
spoelwater afkomstig van gestort beton, als ruwbouw en
metselwerk gelijktijdig worden opgetrokken, mag niet in de
spouw terechtkomen.
Zomer:
Bij hoge luchttemperaturen (richtwaarde T ≥ 25 °C), maar
vooral bij bezonning van het metselwerk, moet extra aan-
dacht worden besteed aan de voorbevochtiging en nabe-
handeling van het metselwerk. Sterke bezonning moet wor-
den voorkomen. Onder deze omstandigheden moeten sterk
zuigende stenen (IW4) voor verwerking goed worden
bevochtigd en kan het nodig zijn ook stenen uit klasse IW3
te bevochtigen.
Vorst:
Tenzij geen voorzieningen zijn getroffen gelden de onder-
staande criteria.
Verwerking van de metselmortels bij weerfase 4 of hoger
(gemiddelde temperaturen overdag beneden 0 °C en in de
nacht op de meeste plaatsen niet meer dan 5 °C vorst) ter
plaatse van het metselwerk is niet toegestaan.
Verwerken van metselmortels bij weerfase 3 (gemiddelde
temperaturen overdag tussen 0 °C en plus 4 °C en in de
nacht op veel plaatsen meer dan 2 °C vorst) ter plaatse van
het metselwerk is toegestaan mits:
• De stenen, blokken en elementen tijdens de verwerking
een temperatuur hebben die hoger is dan 0 °C (bevroren of
beijzelde producten mogen niet worden verwerkt).
• Bij toepassing van geprefabriceerde metselmortels, de
leverancier c.q. producent verklaart dat de geleverde met-
selmortel kan worden toegepast in de gegeven omstandig-
heden en de metselmortel verwerkt wordt overeenkomstig
de verwerkingsvoorschriften van de producent.
• Voor op de bouwplaats vervaardigde metselmortels, het
metselbedrijf aantoont dat, in de gegeven omstandigheden,
metselwerk gerealiseerd kan worden dat aan de gestelde
eisen voldoet.
• Het verse metselwerk zodanig wordt beschermd tegen
bevriezing dat vorst geen schadelijke invloed heeft op de
eigenschappen van het metselwerk.
• Bij de verwerking van metselbakstenen met een waterop-
zuiging van IW1 de aanvullende eisen in acht worden geno-
men, zoals opgenomen in paragraaf 6.5.1.1.’
De genoemde weerfasen kunnen teruggevonden worden in
tabel 2 ‘Weerfasen’ in BRL 2826-01 (zie tabel links).
Kaderkop
Kaderbody
Tabel 2. Weerfasen
Weerfase Gemiddelde temperatuur van
’s ochtends 9.00 uur tot de
volgende ochtend 9.00 uur
Temperatuur in de nacht
0 4 °C of hoger op de meeste plaatsen: geen vorst of niet
meer dan 1 graad vorst
1 4 °C of hoger op vele plaatsen: meer dan 1 graad vorst
2 tussen 0 °C en 4 °C op de meeste plaatsen: niet meer dan
2 graden vorst
3 tussen 0 °C en 4 °C op vele plaatsen: meer dan 2 graden vorst
4 beneden 0 °C op de meeste plaatsen: niet meer dan
5 graden vorst
5 beneden 0 °C op vele plaatsen: 5 tot 10 graden vorst
6 beneden 0 °C op de meeste plaatsen: meer dan 10 graden
vorst
Opmerking: Houd de weersverwachting in de gaten. De wintervoorzieningen volgens de
adviesbladen van het Technisch Bureau Bouwnijverheid (weerverlet.nl) dienen in acht te
worden genomen.
40 Aannemer nr. 6 – Oktober 2022
TECHNIEK
36-37-38-39-40-41_vekemans.indd 40 26-09-2022 14:26